Fretless: Alembic Excel & Sandberg Thinline

Twee fretloze raspaardjes: Alembic Excel & Sandberg Thinline

"Weer weinig nieuws op gasbitarengebied!", telefoneerde mijn hoofdredacteur, terugkomend van de Namm show, mij toe. "Alleen nieuwe kleurtjes en knopjes". Dat verbaasde mij vanzelfsprekend niet.
Een en ander wordt natuurlijk veroorzaakt door het feit, dat aan de vooravond van de 21ste eeuw -althans mijns inziens- de basgitaar als instrument wel zo'n beetje uitontwikkeld is. Na een dikke vijftig jaar in vele varianten en verschijningsvormen te hebben gefunctioneerd is de bas in de basis nog steeds wat ie lang geleden ook al was: een plank met hals en dikke snaren, voorzien van element(en) en toonregeling. Natuurlijk zijn er allerlei ontwikkelingen geweest: van passief naar actief en weer terug, van vier naar vijf en zessnaar en weer terug, van toonhout via multiplex naar kunststof en weer terug en ga zo nog maar even door. Opvallend is, dat geen van deze ontwikkelingen het concept van de basgitaar fundamenteel heeft gewijzigd. Het zijn allemaal slechts aanvullingen, soms verbeteringen en verfijningen van wat we allemaal al jarenlang kennen. Natuurlijk proberen fabrikanten ons iets anders wijs te maken en worden er met enige regelmaat revolutionaire ontwikkelingen gemeld. Tenslotte wil/moet men nieuwe bassen blijven verkopen. Zo langzamerhand is echter de situatie ontstaan, dat de markt overvoerd is met basgitaren van gemiddelde kwaliteit, waardoor de handel in goede gebruikte instrumenten floreert als nooit tevoren en de detailhandel steen en been klaagt over de verkoop van nieuwe instrumenten. Eigen schuld dikke bult: wat goed is komt vanzelf bovendrijven en blijft, wat slecht is verdwijnt na enige tijd net zo makkelijk van het toneel als het debuteerde. Alle mythen ten spijt, zijn er in principe slechts twee soorten basgitaren: goede en slechte.
Vandaar dat we onze aandacht maar eens richten op wat in mijn ogen twee voorbeelden van goede basgitaren zijn. Kost wat, maar daar betaal je dan ook voor: de Sandberg Thinline en de Alembic Excel. Beide bassen zijn uiteraard in gefrette versie te verkrijgen en ook linkshandig zessnarig, maar voor dit vergelijkje hebben we gekozen voor de zo in aandacht onderbedeelde fretloze vier- en vijfsnarig.
Allereerst de Sandberg Thinline. Dit modelletje van het Duitse edelbassenbouwersbedrijf komt voort uit de al wat oudere Thinline Custom. Deze had nog een Bartolini element en een piezoelementje onder de brug. De onderhavige Thinline is passief en voorzien van een Kent Armstrong element. Er valt slechts aan één knop te draaien en dat is het volume: hulde voor deze soberheid, al gebiedt de eerlijkheid mij wel te zeggen dat deze voorziening dan misschien ook wel achterwege had kunnen blijven. Volume staat toch altijd gewoon helemaal open?
De Thinline is smaakvol vormgegeven met een diepe cutaway, waardoor je op de D- en G-snaar met gemak de 26ste positie haalt. Gelukkig voor mij heeft men in de palissander toets op de plaats van de fretten esdoorn streepjes ingelegd, zodat enigszins zuiver spelen tot de mogelijkheden blijft behoren.
De mahonie body is hol. Er is een dikke plak walnoot op aangebracht, met daarin een 'bovenblad' van sparrenhout, dat rust op balkjes. Gevolg van deze constructie is natuurlijk de ietwat zangerige akoestische toon, die zo goed past bij een fretloze bas.
Opvallend is de goede weergave van de lage B, die mooi blijft staan. De Thinline heeft een brede platte ééndelige esdoorn hals die in de body gelijmd is. De toets loopt een stukje zwevend over de body heen. De snaren worden individueel in zware messing blokken geregen en vervolgens over een ebben brug geleid. De topkam lijkt me ook van ebben, maar dat zou ook een goede kunststofimitatie kunnen zijn.
Prettig aan deze holle bas is natuurlijk het geringe gewicht. Nadeel daarvan is wel dat de sustain niet die van een massieve bas is. De toon staat niet tot in eeuwigheid. Het geluid is heel eigen, geen contrabas, geen Paladino, maar iets daartussenin. Door de afwezigheid van toonregeling en een tweede element wordt je gedwongen gewenste veranderingen in geluid zélf te maken, door bijvoorbeeld de positie van je speelhand te wijzigen. Dat maakt de Thinline tot een instrument dat dwingt tot musiceren en een beroep doet op je muzikaliteit. Verandering van spijs doet eten zullen we maar zeggen. De Thinline is verkrijgbaar in 4/5/6 snarige uitvoering en kost dan respectievelijk fl. 3995,=/4.495,=/4.650,=

Kandidaat nummer twee is de nieuwe Alembic Excel, ook in een fretloze uitvoering. Dit keer echter als viersnaar.
Het betreft een voor Alembic begrippen instapmodel in de categorie prettig geprijsd: viersnarig fl. 3.795,= en vijfsnarig fl. 3.995,=. De vormgeving van de Excel is duidelijk geënt op de duurdere Alembic bassen, al heeft deze toch een geheel eigen karakter door de asymmetrische vorm en diepe cutaways. De specificaties: driedelige esdoornhals met palissander toets, die twee octaven omvat.
Aan de bovenzijde van de toets zijn messing positiemarkeringen ingelegd, hetgeen voor een ongeoefende fretless speler als ik geen overbodige luxe is. De body is van drie delen essen, met een tweedelige bookmatched top van walnoot. Tussen top en body is een dun laagje fineer van purperhart aangebracht, dat de contouren van de bas benadrukt.
Overigens kun je zoals gebruikelijk bij Alembic ook kiezen voor een top van een andere exotische houtsoort. Hals en body hebben een gelijmde verbinding en de hals beschikt over twee stalen pennen. De Excel is voorzien van een dikke Alembic humbucker en in het actieve circuit opereren volume, balans en een toon filter. De messing en vergulde hardware is van de bekende Alembic degelijkheid, met aandacht voor detail zoals de in hoogte verstelbare topkam. Het geluid van de Excel is, mede door de uitgekiende actieve elektronica, veelzijdig maar toch vooral bassig en rond te noemen. Bij langzaam en gedragen spel produceert de Excel een prachtige warme 'pwoah' en 'mwoah' in de trombone sfeer.
Bovendien heeft deze bas een meer dan uitstekende sustain.
Vergeleken met de Sandberg Thinline, is de Alembic Excel wat conventioneler van opzet. Veelzijdiger qua geluidsmogelijkheden maar daarom misschien wat minder eigenzinnig van karakter. Als instrument is de Sandberg wellicht uitdagender, de Alembic veiliger.
Wat maakt nu deze twee bassen tot -volgens mij- goede instrumenten? Niet de naam of de prijs, dat moge duidelijk zijn, maar het feit dat uit alles blijkt dat we te maken hebben met instrumenten die met zorg en een goede materiaalkeuze gebouwd zijn. Op de constructie, afwerking en afstelling is absoluut niets aan te merken. Datzelfde geldt voor de geselecteerde houtsoorten en de wijze waarop deze zijn gecombineerd. Hoe weet je dat vraagt men mij? Welnu het is eigenlijk heel simpel: je haalt een bas uit de doos, gaat er onversterkt op spelen en dan hoor je onmiddellijk wat voor vlees je in de kuip hebt. Een goede bas klinkt onversterkt al goed, heeft sustain en karakter en eigenlijk geen toonregeling nodig. En dat gaat dus voor deze beide bassen op. Niets revolutionairs of bijzonders dus, maar gewoon twee goede bassen die zich in de basis niet veel onderscheiden van goede bassen die vijftig jaar geleden ook al werden gebouwd. En als ik mij tenslotte aan een voorspelling mag wagen: misschien dat ie als instrument uit de gratie of overbodig zal raken, maar ik denk niet dat er in de volgende halve eeuw nog veel fundamenteels aan de basgitaar zal veranderen. En dus zullen we het ook in de toekomst op beurzen nogal eens met nieuwe knopjes en kleuren moeten doen.